Start Japanse verhalen

Wijsheden

Een reis van duizend kilometer moet beginnen met één stap.
Leraren openen de deur, maar je moet zelf naar binnen lopen.
Als de leerling bereid is, verschijnt de leraar.
Aan het eind ben je weer net zo ver als toen je niets wist.
De ware mens weet dat wat ver is, ook vlakbij is te vinden.
Een groot mens is hij, die zijn kinderhart nimmer verliest.
Wanneer de mond glimlacht, glimlacht het hart.
De vlinder telt geen maanden doch momenten en heeft tijd genoeg.
Vele wegen leiden naar de top van de berg maar het uitzicht is altijd hetzelfde.
Om het pad voor je te kennen vraag je degenen die terugkeren.
De langste weg is die waarop men struikelt.
Bescheidenheid is een kenmerk van grootheid.
In hun natuur zijn alle mensen gelijk; het zijn hun gewoonten die de verschillen maken.
Te weten wat men weet en te weten wat men niet weet, dat is kennis.
Het is niet de waarheid die de mens groot maakt, maar de mens die de waarheid groot maakt.
Het zijn niet alleen mooie veren die mooie vogels maken.
De beste manier om je tegen de negativiteit van anderen te beschermen, is je te omringen met een schild van positiviteit.
Moeilijke tijden blijven niet duren, moeilijke mensen wel.
Zolang je niet opgeeft, ben je geen verliezer.
Ik stap misschien wel traag, maar ik stap nooit achteruit.
Het is nooit het verkeerde moment om de juiste dingen te doen.
Wees niet bang voor perfectie. Je zal ze nooit bereiken.
Er is geen betere leerschool dan tegenslag.
Het voorbeeld stellen is niet het belangrijkste, het is het allerbelangrijkste.
Aikido begint en eindigt met hoffelijkheid.
Ken eerst jezelf, dan de ander.
Eerst de geest, dan de techniek.
Wees altijd voorbereid om je gedachten los te laten.
Je hebt je hele leven nodig om Aikido te leren, er is geen einde.
Denk niet dat Aikido-training alleen in de dojo plaatsvindt.
De geest wordt het meest aangetast door het conflict voor en tegen. Wie niet ziet hoe diep de aard van de Weg is, streeft tevergeefs.
Alleen diegenen die onafgebroken oefenen, valt vooruitgang ten deel.
Natuurlijk is een zwarte gordel belangrijk voor een Krijgskunstenaar, maar je zou het nooit mogen bekijken als zijnde belangrijk.
"Wees nederig !" Makkelijk gezegd, moeilijk om te doen. "Train hard !" Makkelijk gezegd, moeilijk om te doen. "Geef geen show !" Makkelijk gezegd, moeilijk om te doen.

zoeken

laatst gewijzigd

Designed by:
PDF Print E-mail

JAPANSE VERHALEN 

De dwergboompjes.


Een van de meest originele creaties van de Japanse boomcultuur is het dwergboompje. Sommige exemplaren kunnen vijftig tot honderd jaar oud worden; andere zelfs tweehonderd jaar, maar zij blijven steeds even klein. De zaadjes waaruit deze miniatuurboompjes moeten groeien, plaatst men eerst in kleine potjes om ze te laten ontkiemen. Men wacht dan tot de wortels alle omringende aarde tot zich hebben getrokken en plaatst de jonge spruit in een iets grotere pot. Dit proces herhaalt men enige malen, waarbij het boompje bijna geen water krijgt en een gedeelte van de wortels wordt gecoupeerd. De takjes worden aan de stam of aan elkaar gebonden, zodat het boompje zich moeilijk kan ontwikkelen. Op die manier krijgt men na verloop van tijd boompjes die niet hoger worden dan een halve meter en niet breder dan ongeveer tien centimeter.

De enige rijkdom die Tomonari en zijn vrouw Toeyama bezaten, waren drie dwergboompjes: een sparretje van honderd jaar, een pijnboompje van honderdtwintig en een arbeel van tweehonderd jaar.

Zij vertroetelden deze boompjes als hun kinderen, stoften hen met een fijn borsteltje af en begoten ze met gekookt water.

Hoewel deze mensen zo arm als de mieren waren, was het nog nooit in hun hoofd opgekomen een van de boompjes te verkopen, ook al wisten zij dat zij er een goede prijs voor zouden kunnen maken.

Op een avond zaten zij voor hun karig maal en slurpten daarbij slappe thee, terwijl de koude wind door de spleten van hun huisje naar binnen woei en buiten grote sneeuwvlokken vielen. Er werd driemaal aan de deur geklopt en toen Tomonari opendeed, zag hij een oude bedelmonnik voor zich staan, wiens pij met sneeuw was bedekt.

"Neemt u mij niet kwalijk," stamelde de priester, "maar ik sterf bijna van de honger en de kou. Wilt u mij niet voor een tijdje onderdak verschaffen?"

"Beste man," antwoordde Tomonari, "het zou ons een groot genoegen zijn, maar wij rillen zelf van de kou en wij hebben nog maar één rijstkoek in huis."

"Bij de liefde van Boeddha," smeekte de monnik, "laat mij toch niet voor uw deur staan! Mijn krachten zijn uitgeput."

Inderdaad zag de priester er zo vermoeid en verkleumd uit dat Tomonari medelijden met hem kreeg en hem inviteerde binnen te komen. De monnik schudde eerst de sneeuw van zijn pij en ging toen gehurkt op de koude grond zitten. Toeyama spoedde zich naar de keuken, haalde het laatste restje eten dat zij nog bezaten voor den dag en zette het de priester voor. Hij liet zich de rijstkoek goed smaken, maar hij rilde over zijn gehele lichaam. "Ik heb, geloof ik, kou gevat," zei hij verontschuldigend, "ik ben al de hele dag onderweg."

"Wij moeten een vuurtje stoken," zei Toeyama.

"Hoe wil je dat doen?" vroeg Tomonari haar. "Wij hebben immers geen stukje hout in huis. Tenzij..."

"Tenzij wat?" vroeg zijn vrouw weer.

"Tenzij wij onze dwergboompjes verbranden."

"Onmogelijk!" zei zij vastbesloten. "Er is niets waar wij zo aan gehecht zijn."

"Heeft Boeddha zelf niet gepredikt dat wij ons niet aan aards bezit mogen hechten? En moeten wij niet alles aan onze naasten schenken, wanneer zij in nood verkeren? Denk aan het konijn, dat Boeddha zijn leerlingen als voorbeeld voor ogen stelde! Het dier kon een arme bedelaar geen aalmoes geven en bood toen zijn eigen lichaam als spijs aan. Ook wij mogen niet aarzelen het beste wat wij bezitten aan een volgeling van Boeddha aan te bieden."

Zo sprak Tomonari, terwijl de monnik langzaam in slaap was gesukkeld. "Ik geloof dat de arme man koorts heeft," meende zijn vrouw. "Laten wij maar een boompje offeren."

Zij werden het erover eens dat de honderdjarige spar zou worden verbrand. Met tranen in de ogen zagen zij hoe hun lievelingsboom door het vuur werd verteerd. De monnik scheen te herleven en kroop zo dicht mogelijk bij het vuur. Maar dat doofde helaas al spoedig. Het echtpaar offerde nu ook de twee andere boompjes op en een behaaglijke warmte verspreidde zich door de kamer.

"Moge Boeddha u belonen!" sprak de monnik, "en moge u later het nirvana bereiken, waar geen lijden en geen verlangen meer bestaat."

 

Clubnieuws

 

  • 11/09 - 15h00 : Enbukai te Elewijt.
  • 18/09 - 15h00 : Dan Junbi te Mechelen.
  • Hebben met succes hun Kyu-examen afgelegd :
    5e Kyu : Charlotte, Savina, Birgit, Nick en Kurt.          
    1e Kyu : Nick en Geert.
    Proficiat voor de geleverde prestaties en voor de volharding.

Kalender

<<  September 2010  >>
 ma  di  wo  do  vr  za  zo 
    1  2  3  4  5
  7  8  912
14151619
212223
282930   

Budo-winkel